Bij gebrek aan koffie thuis en op weg naar de winkel om deze omissie te corrigeren, was ik al vroeg in de morgen het lokale café binnengelopen. Aan de bar zaten twee grijze bejaarde heren achter een kop koffie, de barman was met z’n voorraad bezig en Etta James zong ons zachtjes toe.

‘Nog plannen voor de kerstdagen’, vroeg de meest witte van de twee.

‘Niet echt, jij?’

‘Ga Tweede Kerstdag bij mijn oudste zoon gourmetten. Ze halen me op en brengen me ook weer thuis.

Gezellig zo, met de kinderen en kleinkinderen. Maar, moet jij niet naar je dochter?’

De donkere haalde zijn schouders op. ‘Mijn dochter denkt, geloof ik, dat ik al jaren dood ben.’

Opeens was er stilte, diepe stilte.

’Geef hem maar een jong borreltje, verbrak de witte de stilte. De barman knikte, pakte twee glaasjes en schonk ze vol.

Van het huis, zei hij gelaten.

 

[Kleinigheden – 050 – 150 – 161224 – Kerstdagen]

 

Knapper bij de kapper
Jong van geest

Pin It on Pinterest