Kl - 450Mijn oom woonde ooit samen met zijn zijn hond Mister Black, in een klein pandje in het centrum van Dordrecht. Mister Black, meestal afgekort tot Black, was een Dobermann Pincher die voor de nodige paniek kon zorgen. Als Black voor het raam zat kon hij met het optrekken van zijn bovenlip menigeen een diepe angst inboezemen. Zijn voor het huis geparkeerde fiets, zonder slot, is nooit gestolen.

Ik moest eraan denken toen ik op de Appelmarkt in Zierikzee bijna verzeild raakte in een discussie over de aldaar in het wilde weg geparkeerde fietsen.

‘Hé, jij daar, zet die andere fietsen nu ook eens rechtop’, schreeuwde een oudere man naar een jongen. De jongen haalde z’n schouders op en liep weg. ‘U heeft het toch ook gezien?’, vroeg de oudere man, mij aankijkend. Ik antwoordde ontkennend daar het achter mij gebeurde. De man keek me aan en begon een tirade over de jeugd die geen waarden en normen meer had en hoe diezelfde jeugd het in haar hoofd haalde om die fietsen hier zomaar schots en scheef neer te zetten. De gemeente moest het ook ontgelden. Er kwam geen fietsenstalling in het centrum, hoorde ik hem zeggen toen ik de winkel in liep.

Bij de school- en kantoorartikelen dacht ik aan de fietsenstalling op de middelbare school. Wat was daar vroeger veel gebeurd. Ik glimlachte. Mijn ouders konden er niet om glimlachen, althans niet als het om de schade aan mijn fiets ging die ik altijd aan het overbezorgde fietsenhok toeschreef. Ik vergat daar altijd bij te zeggen dat ikzelf diegene was die nooit op tijd kwam en mijn fiets er altijd maar ergens tussen moest rossen. Dat het soms enige brute kracht vereiste verzweeg ik ook maar. De schade die mijn fiets binnen een week opliep zoals een slag in mijn wiel, een afgebroken dynamo, een aanlopende trapperkast, een levenloze koplamp en een loshangend spatbord, kon ik niet verzwijgen. Dat lag toch allemaal aan mijn medescholieren die zo onbehouwen waren.

De oudere man had, toen ik de Hema uitliep, de fietsen weer overeind gezet en was met een tweetal mensen in gesprek. Het duidelijk dat zijn fiets beschadigd was en de dader verdwenen.

Ik dacht aan mijn oom die zijn fiets óók op de meest vréémde plaatsen kon parkeren. Niemand die er ooit iets van zei, ze durfden niet. Mister Black wachtte altijd geduldig naast de fiets op zijn baasje.

 

[022]

 

Een sigaren rokende bejaarde in een rolstoel
Zo gaan die dingen nu eenmaal

Pin It on Pinterest